03-01-2011
Door Flore Hiensch
Het referendum maakt deel uit van de Comprehensive Peace Agreement (CPA) dat in januari 2005 werd overeengekomen tussen de regering van het Noorden en de rebellen in het Zuiden en een einde maakte aan Sudan’s langste oorlog. De oorlog, die in 1983 begon, tussen het grotendeels Islamitsche Noorden en het Christelijke en animistische Zuiden kostte door gewelddadigheden, hongersnood en ziekte aan naar schatting 2 miljoen mensen het leven. Ongeveer 4 miljoen mensen raakten ontheemd en 500,000 zijn gevlucht naar buurlanden.
Het referendum is een unieke gebeurtenis voor Soedan maar brengt ook nieuwe en grote risico’s met zich mee. Vele cruciale afspraken rond het referendum en onafhankelijkheid, met name over het bepalen van de grens tussen Noord en Zuid, burgerschap, veiligheid en natuurlijke bronnen (olie) zijn niet afgerond. Ook blijft de veiligheidssituatie in Soedan, zoals het voortduren van het conflict in Darfur, zeer precair. Met afscheiding als de zeer waarschijndelijk uitkomst van het referendum heerst er een gespannen sfeer in Soedan. Niemand weet of de regering van Noord Soedan het verkiezingsproces niet alsnog zal proberen te verstoren. Samen met partnerorganisatie IRC houdt Stichting Vluchteling houdt de situatie nauwlettend in het oog en staat klaar om onmiddellijk in aktie te komen als na het referendum nieuwe stromen vluchtelingen of ontheemden ontstaan.
Voor de meeste vluchtelingen en ontheemden staat de kwestie van burgerschap en nationaliteit centraal. Geschat wordt dat ongeveer anderhalf miljoen Zuid-Soedanezen in het Noorden wonen. Velen al meer dan 20 jaar nadat hun families gevlucht waren voor de oorlog. Met het referendum, moeten die mensen misschien kiezen tussen in het Noorden blijven of naar het Zuiden terugkeren zonder zekerheid over hun toekomstig nationaliteit. De President van Soedan, Omar Hassan al-Bashir heeft de suggestie gewekt dat met een afscheiding van Zuid-Soedan, de zuid-Soedanezen die in het Noorden wonen hun burgerschap kan worden ontnomen. Dit zouden kunnen leiden tot grootschalige vrijwillige of -nog erger- gedwongen migraties en zelfs stateloosheid. De integratie van terugkerende Zuid Soedanesen uit Noord Soedan is ook een belangrijk punt van zorg. Volgens het VN-kantoor Office for the Coordination of Humanitarian Affairs (OCHA) zijn tussen oktober en december 2010 zo’n 92,000 Zuid Soedanesen die tijdens de burgeroorlog naar het Noorden zijn getrokken, voor het referendum , naar het Zuiden teruggekeerd . Meer steun en een plan voor reintegratie is nodig om er voor te zorgen dat rekening wordt gehouden met de veiligheid, rechten en noden van terugkerende ontheemden.
Ook als alles rustig verloopt en Zuid Soedan onafhankelijk wordt, zal de nieuwe regering van Zuid Soedan met belangrijke politieke beslissingen en humanitaire noden geconfronteerd worden. Een van de meest urgente zaken zal het verstrekken van basis gezondheidzorg aan 8.3 miljoen Zuid Soedanesen zijn. Stichting Vluchteling ondersteunt al jaren lang projecten in Zuid Soedan, met name op het gebied van gezondheidszorg, in gebieden met grote aantallen terugkerende vluchtelingen en ontheemden. Op het moment wordt 80 procent van de gezondheidszorg nog door NGOs en de VN aangeboden. Volgens OCHA heeft Zuid Soedan het op een na hoogste aantal gevallen van moedersterfte ter wereld met een op de zeven zwangere vrouwen die komt te overlijden als gevolg van complicaties tijdens de zwangerschap. Vrouwen moeten vaak uren lopen om een kliniek te bereiken, en als ze hoog zwanger zijn moet de familie vaak zelf zorgen voor transport, wat er toe leidt dat vrouwen vaak veel te laat naar een kliniek worden gebracht. Samen met partner-organizatie IRC streeft Stichting Vluchteling er aktief naar om moedersterfte in Zuid Soedan terug te dringen. In een van de armste provincies in Zuid Soedan, Northern Bahr Ghazal, aan de grens met Darfur, steunt Stichting Vluchteling daartoe klinieken in gebieden waar anders geen toegang tot gezondheidzorg zou zijn.